De Kunstenaar

Herman van den Broek (1950)
 
Een gedreven kunstenaar

Kunstenaar zijn zit in je bloed, je kunt niet zonder.
Die gedrevenheid heb ik van jongs af aan gevoeld. Het scheppen van kunst is voor mij één lange zoektocht naar de ultieme afbeelding van de absolute leegte, het niets waar alles uit is voortgekomen en waar alles uiteindelijk weer in zal verdwijnen. Die tegenstrijdigheid, om het niets te willen vangen in een beeld, drijft me afwisselend naar abstracte en figuratieve kunst.

Inspiratie vind ik vooral tijdens verblijven in het buitenland, waar ik altijd onherbergzame landschappen opzoek. Deze verblijven maken ieder keer weer een lawine aan ideeën los. Maar ook sociale gebeurtenissen in mijn omgeving vormen een inspiratiebron.

In 2001 hebben mijn vrouw Mieke en ik de Kunstkamer geopend, een expositieruimte in ons karakteristieke woonhuis in Laag-Keppel. In de Kunstkamer kunnen bezoekers mijn schilderijen en beelden bekijken. De ongedwongen en intieme sfeer van de Kunstkamer blijkt zich ook goed te lenen voor de coachingsactiviteiten van Mieke. Met haar bedrijf Sirenen, kunst in verandering begeleidt zij organisaties in de creatieve sector die anders willen werken.

Regelmatig word ik door particulieren of bedrijven gevraagd kunstwerken in opdracht te maken. De opdrachtgever stelt in dat geval voorwaarden aan het kunstwerk dat hij of zij voor ogen heeft, maar het eindresultaat komt altijd uit mijn hart.

Gevarieerde stijlen en technieken

Het vloeien van hars of verf brengt mij voortdurend in tweestrijd: zal ik de natuurlijke stroming z’n gang laten gaan of grijp ik in?

Figuratief en abstract, felle en bedekte kleuren, extravert en ingetogen. Deze tegenstellingen zijn kenmerkend voor mijn werk. De olieverfschilderijen van Spaanse dorpjes in zinderende heuvellandschappen, portretten en veel werken die ik in opdracht maak zijn voorbeelden van figuratieve werken. Mijn abstracte werken hebben vaak strakke patronen van lijnen, vlakken en kleuren. In mijn extraverte werken gebruik ik uitbundige kleuren, met een voorkeur voor felrood, okergeel en hemelsblauw. Maar in andere werken pas ik juist aardse kleuren toe: wit, bruin, zwart. Het Griekse eiland Chios en IJsland riepen deze ingetogen gemoedstoestand bij mij op. Ook in de keuze van materialen en gereedschappen laat ik mij niet beperken. Waar mijn oog op valt en wat me inspireert, verwerk ik in mijn kunstwerken. Naast de meer traditionele combinatie van olieverf op doek gebruik ik acrylverven, kunstharsen, stenen en teer. Ook de ondergronden zijn heel divers, tot in hars gedoopte vloerkleden toe. Door teer en harsen te versmelten, laat ik wonderlijke patronen en kleuren ontstaan. Ook de digitale wereld schuw ik niet. In de afgelopen jaren hebben computer en printer een vaste plaats in mijn werkplaats veroverd.


Inspirerende verblijven in het buitenland

Ik wil de zon en de wind lijfelijk ondergaan om die over te kunnen brengen op het doek.
Sinds de jaren negentig verblijf ik regelmatig langere tijd in het buitenland om er te werken. Die werkverblijven hebben veel invloed op mijn werk. Tijdens mijn eerste buitenlandse verblijf in de Verenigde Staten, voerde ik lange gesprekken met een Nederlandse fotograaf over de manier waarop een kunstenaar de artistieke en de economische kant van zijn werk in balans kan brengen. Daarna heb ik steeds landen met ongenaakbare landschappen gekozen: Spanje, Colombia, Griekenland, IJsland. Daar verblijf ik enkele weken tot maanden in een rustig onderkomen op het platteland. Ik trek er dagelijks op uit om schetsen te maken die ik later uitwerk in schilderijen.Vooral het eerste verblijf in Spanje (1995) heeft grote indruk gemaakt en nog steeds voel ik me met dit land het meest verbonden. In het Spaanse dorp Teruel voelde ik me eenzaam en het verblijf maakte veel emoties los. Die eenzaamheid zoek ik bewust op, ik heb het nodig om te kunnen scheppen.In eerste instantie wist ik me niet goed raad met het meedogenloze landschap waarin de kleuren door zon en regen voortdurend veranderen, van bloedrood tot zachtgeel. Het resultaat is een serie schilderijen en schetsen waarin verstilde landschappen met enkele lijnen krachtig zijn weergegeven. Ondanks de felle kleuren maken ze een verlaten indruk.

Het verblijf in Colombia (1997) bood een heel andere ervaring. Mijn onderkomen in het dorp Tolú was verstoken van luxe, maar ik had er intens contact met de lokale bevolking. Ik heb daar met volle teugen van het rauwe dorpsleven genoten. Niet alleen de natuur maar ook de mensen, de historie, de religie en de wonderlijke sagen trokken mijn aandacht en inspireerden me. De schilderen die ik tijdens deze reis gemaakt heb, zijn felgekleurd en gevarieerd: een bananenboom, veel zonnen en ‘koppoten’, mensen en katachtigen.

Op het Griekse eiland Chios (2000) werd ik weer vooral geraakt door de kleuren van de aarde, ditmaal bruine en beige tinten. Door de aarde zélf als verf te gebruiken in schetsen, kon ik in Nederland op zoek gaan naar materialen en werkwijzen die precies de goede kleur opleverden. In de Griekse werken probeer ik de essentie van het landschap te raken met enkele vegen. De schilderijen stralen minder eenzaamheid en meer harmonie uit dan de Spaanse.

In 2006 koos ik IJsland. Het stille, lege landschap met de onbereikbaar verre horizon stralen rust uit, maar ik voel ook de kracht van de natuur. Je kan er uren rondrijden zonder dat het landschap verandert, maar als er een vulkaan uitbarst kan het de volgende dag onherkenbaar zijn. IJsland heeft introverte werken opgeleverd, voornamelijk in grijstinten.

Spanje blijft me het meest trekken en in 2007 ben ik er opnieuw enkele weken naartoe gegaan. Tijdens dat verblijf heb ik me verder verdiept in het afbeelden van het niets. Ik heb geprobeerd zo helder mogelijk te krijgen wat absolute leegte voor mij inhoudt, met als inspiratiebron het Spaanse landschap en de onbarmhartige zon.


 



Content Copyright © DE KUNSTKAMER LAAG-KEPPEL Rights Reserved. Deze web site maakt gebruik van JAVA.
Best bekeken met Microsoft Internet Explorer 6.0+ met een resolutie van 1024 x 768.
Firefox met
IE VIEW 0.86